In Ontwikkeling

Dit platform wordt momenteel actief gebouwd en getest. Sommige functies zijn nog in ontwikkeling.

0d
Dashboard
42 Alle Termen

Koeltechnisch Woordenboek & Vaktermen

Essentiële definities, formules en vaktermen voor het examen koeltechniek.

📖

Nieuw: Bekijk de Complete Cursus & Formulebladen

Inclusief 5 interactieve theoriemodules, Mollierdiagram berekeningen en 8-punts storingsmatrix.

Naar Kennisbank →
42 resultaten gevonden
Componenten & Werking

4-Weg Omkeerklep (Omkeerventiel)

Elektromechanisch ventiel dat de koudemiddelstroom omkeert om te wisselen tussen koelen en verwarmen.

Door het bekrachtigen van de solenoïdespoel verplaatst de interne schuif in het ventiel. Hierdoor wordt de persleiding van de compressor naar de binnenunit (verwarmen/warmtepomp) of naar de buitenunit (koelen/airco) geleid. Wordt tevens gebruikt voor snelle heetgasontdooiing van de buitenunit.

Examentip:De 4-wegklep heeft 1 aansluiting aan de bovenzijde (persgas van compressor) en 3 aansluitingen aan de onderzijde (midden = zuiggas naar compressor, links/rechts naar binnen-/buitenwisselaar).
Koudemiddelen & Oliën

Azeotroop Mengsel (R500-reeks)

Een mengsel van koudemiddelen dat zich gedraagt als een zuivere enkelvoudige stof.

Bij azeotrope mengsels (zoals R507) is de dampsamenstelling exact gelijk aan de vloeistofsamenstelling bij koken en condenseren. Er treedt géén temperatuurverschuiving (glide = 0 K) of ontmenging op.

Examentip:R507 gedraagt zich als één zuivere stof, in tegenstelling tot het zeotrope mengsel R404A dat een lichte glide vertoont.
Metingen & Diagnose

Bedrijfsdruk (Werkdruk LD / HD)

De heersende dynamische drukken aan de lage- (LD/zuig) en hogedrukzijde (HD/pers) tijdens werking van de compressor.

Zodra de compressor draait, creëert deze een drukverschil: lage druk in de verdamper (bepaalt verdampingstemperatuur T₀) en hoge druk in de condensor (bepaalt condensatietemperatuur T_c).

Examentip:Het drukverschil (HD - LD) over het expansieventiel drijft de koudemiddelstroom aan. Een te laag drukverschil reduceert het debiet en de koelcapaciteit.
Componenten & Werking

Carterverwarming

Elektrisch verwarmingselement dat de compressorolie op temperatuur houdt tijdens stilstand.

Koudemiddel heeft de eigenschap om bij stilstand te migreren naar het koudste punt en op te lossen in de smeerolie in het carter. Als de compressor start, daalt de druk plotseling, waardoor het koudemiddel hevig gaat koken ('koud koken') en de olie wegblaast uit het carter.

Examentip:Carterverwarming voorkomt koudemiddelmigratie en schuimvorming/oliestroop bij de start van de compressor.
Milieu & Wetgeving

Certificaat Categorie 1 (Koeltechnicus)

Het meest uitgebreide Europese vakbekwaamheidscertificaat voor koeltechnici.

Biedt de houder de volledige bevoegdheid om alle werkzaamheden (installatie, inbedrijfstelling, onderhoud, reparatie, lektesten en terugwinning) uit te voeren aan alle stationaire koel-, klimaatregelings- en warmtepompinstallaties ongeacht de koudemiddelinhoud.

Examentip:Categorie 1 kent géén beperking op de vulhoeveelheid (ton CO₂-eq of kg), in tegenstelling tot Categorie 2, 3 en 4.
Componenten & Werking

Compressor Burn-out

Het doorbranden van de elektrische wikkelingen van de compressormotor.

Veroorzaakt door oververhitting, vocht in de installatie of zuurvorming. Bij een burn-out ontbindt het koudemiddel en de olie in agressieve zuren, roet en verbrandingsslib.

Examentip:Procedure na burn-out: Plaats een tijdelijke zuurfilter (burn-out droger) en vervang de olie 'zo vaak als nodig is totdat alle sporen van zuur verdwenen zijn' volgens een officiële zuurtest.
Thermodynamica & Cyclus

COP Verwarming vs. COP Koeling

De prestatiecoëfficiënt van een warmtepomp bij verwarmen vergeleken met koelen.

Bij een warmtepomp is het nuttige afgegeven verwarmingsvermogen in de condensor (Q_c) gelijk aan het opgenomen koelvermogen in de verdamper (Q_0) PLUS het opgenomen elektrische compressorvermogen (P_comp). Hierdoor is de COP bij verwarmen altijd precies 1 hoger dan de COP bij koelen.

COP_verwarmen = COP_koelen + 1 = Q_c / P_comp = (Q_0 + P_comp) / P_comp
Examentip:Als een warmtepomp een koel-COP heeft van 3,5, dan is de verwarmings-COP bij dezelfde condities gelijk aan 4,5.
Metingen & Procedures

Droge Stikstof (OFN - Oxygen Free Nitrogen)

Inert gas dat gebruikt wordt voor druktesten, afpersen en beschermgas tijdens solderen.

Droge stikstof bevat geen zuurstof en geen vocht. Tijdens het hardsolderen voorkomt een lichte stikstofstroom in de koperbuis inwendige oxidatie (koperslag/roet).

Examentip:Drukbeproeving met zuurstof is LEVENSGEVAARLIJK en ten strengste verboden wegens direct ontploffingsgevaar bij contact met olie.
Milieu & Wetgeving

Drukbeproeving / Afpersen met Stikstof

Sterkte- en dichtheidstest van een nieuw of hersteld koelcircuit met zuivere droge stikstof (N₂).

Vóór vacumeren en vullen moet het leidingsysteem worden afgeperst met droge stikstof tot de maximaal toelaatbare ontwerpdruk (meestal 1,1 × PS conform NBN EN 378). Dit bewijst dat alle soldeer- en klemverbindingen mechanisch sterk en 100% gasdicht zijn.

Beproevingsdruk: P_test = 1,1 × PS (waarin PS de maximale toelaatbare ontwerpdruk is)
Examentip:Gebruik altijd een reduceerventiel en een veiligheidsventiel op de stikstoffles. Nooit afpersen met zuurstof of perslucht (explosiegevaar door compressieolie!).
Componenten & Werking

Elektronisch Expansieventiel (EEV)

Stappenmotor-gestuurd expansieorgaan dat de koudemiddelstroom uiterst nauwkeurig doseert op basis van sensormetingen.

In tegenstelling tot een mechanisch TEV wordt een EEV continu aangestuurd door een elektronische regelaar (microcontroller). De regelaar berekent realtime de exacte oververhitting aan de hand van een druksensor en temperatuursensor en stuurt de stappenmotor aan met honderden microscopische stapjes.

Examentip:EEV's kunnen een zeer stabiele, lage oververhitting handhaven (tot 2 à 3 K), wat leidt tot een hogere verdampingstemperatuur en aanzienlijke energiebesparing (hoger COP).
Thermodynamica & Cyclus

Enthalpie (h)

De totale warmte-inhoud van een koudemiddel per kilogram massa (uitgedrukt in kJ/kg).

Enthalpie combineert de inwendige energie van de stof met de energie van druk en volume (h = u + p·v). Op de horizontale as van het Mollier log p-h diagram lees je direct het enthalpieverschil af om het koelvermogen, compressorarbeid en condensorvermogen te berekenen.

Specifiek koelvermogen: q_0 = h_1 - h_4 (kJ/kg). Specifieke arbeid: w = h_2 - h_1 (kJ/kg).
Examentip:Expansie in het expansieventiel is een isenthalpisch proces: h_in = h_uit (een verticale rechte lijn naar beneden op het log p-h diagram).
Componenten & Werking

Filterdroger (Liquid Line Filter Drier)

Reinigings- en ontvochtigingscomponent geplaatst in de vloeistofleiding vóór het expansieorgaan.

Bevat een moleculaire zeef (desiccant / droogmiddel) die vocht chemisch bindt en een filterpad dat vaste vuildeeltjes (koperslijpsel, soldeerslakken) tegenhoudt. Sommige filterdrogers bevatten tevens aluminiumoxide om schadelijke zuren op te nemen.

Examentip:Een filterdroger moet ALTIJD vervangen worden zodra het koelcircuit geopend is geweest voor reparatie of na een compressorverbranding.
Thermodynamica & Cyclus

Flashgas

Voortijdige dampbellen in de vloeistofleiding vóór het expansieorgaan.

Ontstaat wanneer de druk in de vloeistofleiding daalt (door leidingweerstand, filtervervuiling of grote stijghoogte) tot onder de verzadigingsdruk, waardoor de vloeistof begint te koken vóór het expansieventiel.

Examentip:Flashgas verlaagt de capaciteit van het expansieventiel drastisch en wordt voorkomen door voldoende ONDERKOELING.
Metingen & Diagnose

Formeergas (95% N₂ / 5% H₂)

Niet-brandbaar traceergas gebruikt voor uiterst gevoelige lekdetectie in koelcircuits.

Bestaat uit 95% stikstof en 5% waterstof. Doordat de waterstofmoleculen (H₂) microscopisch klein zijn, ontsnappen ze sneller door minieme haarscheurtjes dan stikstof of koudemiddel. Een elektronische waterstoflekzoeker detecteert lekkages tot minder dan 1 gram per jaar zonder schadelijke F-gassen in de atmosfeer te brengen.

Examentip:Veilig en milieuvriendelijk alternatief voor afpersen met koudemiddel (wat wettelijk verboden is volgens de F-gassenverordening).
Componenten & Werking

Gaskoeler (Gas Cooler)

Warmtewisselaar in een superkritische of transkritische CO₂-installatie die de condensor vervangt.

In een gaskoeler wordt heet persgas onder superkritische druk (boven 73,8 bar) afgekoeld door omgevingslucht of water zónder dat het gas condenseert naar vloeistof. De warmteafgifte gebeurt over een glijdend temperatuurtraject.

Examentip:Omdat er geen condensatietemperatuur bestaat in het superkritische gebied, wordt het rendement sterk bepaald door de temperatuur waarmee het gas de gaskoeler verlaat.
Thermodynamica & Cyclus

Glide (Temperatuurverschuiving)

Het temperatuurverschil tussen kookpunt (bubble point) en dauwpunt (dew point) bij zeotrope mengsels.

Bij zeotrope koudemiddelmengsels (de R400-reeks, zoals R407C) verdampen en condenseren de samenstellende componenten bij verschillende temperaturen bij een constante druk. De faseovergang gebeurt over een temperatuurtraject in plaats van bij één vaste temperatuur.

Examentip:Koudemiddelen met een temperatuurglide (R4xx) moeten ALTIJD in de VLOEISTOFFASE gevuld worden om ontmenging (fractionering) te voorkomen.
Milieu & Wetgeving

GWP-waarde (Global Warming Potential)

Aardopwarmingsvermogen van een gas ten opzichte van koolstofdioxide (CO₂).

De GWP-waarde drukt uit hoeveel sterker een koudemiddel bijdraagt aan het broeikaseffect vergeleken met dezelfde massa CO₂ over een periode van 100 jaar. De GWP van CO₂ is vastgesteld op 1. Een koudemiddel zoals R404A heeft een GWP van 3922, wat betekent dat 1 kg R404A even schadelijk is als 3922 kg CO₂.

CO₂-equivalent (ton) = (Massa in kg / 1000) × GWP
Examentip:De Europese F-gassenverordening baseert alle verplichtingen (lektestfrequentie, quota, uitfasering) op ton CO₂-equivalent en niet op het aantal kilogram.
Thermodynamica & Cyclus

Heetgasontdooiing (Hot Gas Defrost)

Methode om ijs op de verdamper snel te smelten door heet persgas direct van de compressor door de verdamper te leiden.

In plaats van elektrische ontdooielementen wordt heet gas vanaf de persleiding via een bypassklep of 4-wegklep door de bevroren verdamper geblazen. De latente condensatiewarmte van het hete gas smelt het ijs van binnenuit in enkele minuten, wat veel energiezuiniger en sneller is.

Examentip:Tijdens heetgasontdooiing condenseert het hete gas in de verdamper naar vloeistof; een goede vloeistofafscheider vóór de compressor is essentieel om vloeistofslag te voorkomen.
Componenten & Werking

IHX (Interne Warmtewisselaar / Zuiggas-Warmtewisselaar)

Warmtewisselaar tussen de warme vloeistofleiding (of gaskoeleruitgang) en de koude zuigleiding.

De IHX (Internal Heat Exchanger) koelt de vloeistof vóór het expansieventiel extra na (verhoogt het specifieke koelvermogen q₀) door warmte over te dragen aan het koude zuiggas naar de compressor. Dit zorgt tevens voor nuttige oververhitting en beschermt de compressor tegen vloeistofslag.

Verhoging koelcapaciteit: Δq_0 = h_verdamper_uit - h_expansie_in
Examentip:Bij R744 CO₂-systemen is een IHX vrijwel onmisbaar om het systeemrendement (COP) op peil te houden.
Thermodynamica & Cyclus

Latente Warmte (Faseovergangswarmte)

Warmte-energie die nodig is om een stof van aggregatietoestand te doen veranderen bij een constante temperatuur en druk.

Tijdens verdampen (vloeistof naar damp) of condenseren (damp naar vloeistof) blijft de temperatuur van een zuiver koudemiddel constant, terwijl er gigantische hoeveelheden warmte worden opgenomen of afgestaan.

Q_latent = m × r (waarin r de verdampingsenthalpie is)
Examentip:Het grootste deel van de koelcapaciteit in een koelinstallatie wordt geleverd door latente warmte tijdens het koken in de verdamper.
Milieu & Wetgeving

Milieulogboek (Installatielogboek)

Wettelijk verplicht register voor koelinstallaties met periodieke lekcontroleplicht.

Bevat alle gegevens over: type en hoeveelheid koudemiddel, bijgevulde volumes, gerecupereerde volumes, data en resultaten van lekcontroles, en de naam en het certificaatnummer van de uitvoerende technicus.

Examentip:Logboekgegevens moeten verplicht minimaal 5 JAAR bewaard worden door zowel de eigenaar/exploitant als het gecertificeerde koeltechnische bedrijf.
Milieu & Wetgeving

ODP (Ozone Depletion Potential)

Ozonafbrekend vermogen van een chemische stof ten opzichte van R11.

ODP meet de mate waarin een koudemiddel de stratosferische ozonlaag kan aantasten, vergeleken met trichloorfluormethaan (R11, waarvan de ODP = 1). Chloorhoudende gassen zoals CFK's en HCFK's (bijv. R22) hebben een hoge ODP en zijn daarom verboden. Moderne HFK's en natuurlijke koudemiddelen hebben een ODP van 0.

Examentip:HFK's (zoals R134a, R32, R410A) tasten de ozonlaag NIET aan (ODP = 0), maar zijn wel krachtige broeikasgassen (hoge GWP).
Componenten & Werking

Olieafscheider (Oil Separator)

Component in de persleiding die meegesleepte smeerolie scheidt van het hete persgas en terugleidt naar het carter.

Een deel van de compressorolie wordt met het persgas meegeblazen. De olieafscheider vertraagt de gasstroom en gebruikt botsplaten of coalescentiefilters om oliedruppels af te vangen. Een vlotterventiel opent zodra er voldoende olie is verzameld en stuurt deze onder persdruk terug naar het compressorcarter.

Examentip:Onmisbaar bij installaties met lange leidingtrajecten, lage verdampingstemperaturen (diepvries) of capaciteitsgeregelde compressoren waar de gassnelheid in de leidingen laag kan worden.
Thermodynamica & Cyclus

Onderkoeling (Subcooling)

Het aantal graden dat vloeistof koeler is dan zijn verzadigde condensatietemperatuur.

Onderkoeling vindt plaats aan het einde van de condensor en in de vloeistofleiding. Het is het verschil tussen de verzadigde condensatietemperatuur (afgelezen op de hogedrukmanometer) en de werkelijke leidingtemperatuur vóór het expansieorgaan.

Onderkoeling = T_condensatie (manometer) - T_vloeistofleiding (werkelijk)
Examentip:Voorkomt flashgas (dampbellen) in de vloeistofleiding en verhoogt het specifieke koelvermogen. Typische waarde: 2 tot 5 K.
Thermodynamica & Cyclus

Oververhitting (Superheat)

Het aantal graden dat damp warmer is dan zijn verzadigde kooktemperatuur.

Oververhitting vindt plaats aan het einde van de verdamper en in de zuigleiding. Het is het verschil tussen de werkelijke gemeten zuiggastemperatuur op de leiding en de verzadigde verdampingstemperatuur (afgelezen op de manometer bij de heersende zuigdruk).

Oververhitting = T_zuigleiding (werkelijk) - T_verdamping (manometer)
Examentip:Cruciaal doel: Garanderen dat er 100% droge damp naar de compressor stroomt om desastreuze vloeistofslag te voorkomen. Typische instelling TEV: 4 tot 8 K.
Koudemiddelen & Oliën

PAG-Olie (Polyalkyleenglycol)

Synthetische smeerolie voornamelijk toegepast in mobiele aircosystemen met open compressoren.

PAG-oliën hebben uitstekende smeereigenschappen met koudemiddelen zoals R134a en R1234yf, maar zijn sterk hygroscopisch (trekken razendsnel vocht aan uit de lucht). PAG is elektrisch geleidend en mag daarom NOOIT gebruikt worden in hermetische of hybride/elektrische aircocompressoren met ingebouwde hoogspanningsmotor.

Examentip:In hermetische compressoren en EV/hybride voertuigen gebruikt men altijd diëlektrische POE-olie om kortsluiting over de wikkelingen te voorkomen.
Koudemiddelen & Oliën

POE-Olie (Polyolester)

Synthetische, niet-geleidende smeerolie standaard toegepast in stationaire HFK- en HFO-installaties en warmtepompen.

POE-olie is chemisch stabiel, mengt uitstekend met HFK's (R134a, R410A, R32, R407C) en HFO's, en bezit een zeer hoge diëlektrische weerstand. Hierdoor is het veilig voor gebruik in hermetische en semi-hermetische compressoren waar de elektromotor direct in het koudemiddel/oliemengsel draait.

Examentip:POE-olie is hygroscopisch. Vocht in POE leidt tot hydrolyse (vorming van zuren en alcohol), wat resulteert in koperafzetting en motorverbranding (acid burnout).
Componenten & Werking

Pt1000 Temperatuurvoeler

Elektronische weerstandssensor van platina voor nauwkeurige temperatuurmeting.

Pt staat voor het edelmetaal Platina. Het getal 1000 geeft aan dat de elektrische weerstand van de sensor exact 1000 Ohm bedraagt bij een temperatuur van 0 °C. Het is een PTC-element (weerstand stijgt bij stijgende temperatuur).

Examentip:Pt = Platina, 1000 = 1000 Ω bij 0 °C (bij Pt100 is dit 100 Ω bij 0 °C).
Thermodynamica & Cyclus

Pump-Down Schakeling

Regeling waarbij het koudemiddel bij uitschakeling leeggepompt wordt in de condensor/vloeistofvat.

Wanneer de thermostaat afslaat, sluit eerst de magneetafsluiter in de vloeistofleiding. De compressor blijft draaien totdat de lagedrukpressostaat afschakelt. Hierdoor is de verdamper en zuigleiding volledig leeg.

Examentip:Voorkomt koudemiddelophoping in de verdamper tijdens stilstand en voorkomt overmatige drukopbouw tijdens elektrisch ontdooien.
Koudemiddelen & Oliën

R290 (Propaan)

Natuurlijk koolwaterstof-koudemiddel (GWP = 3).

Propaan heeft uitstekende thermodynamische eigenschappen en een uiterst lage GWP van 3. Het valt onder veiligheidsklasse A3 (ontvlambaar), waardoor strenge vullimieten en ATEX-veiligheidseisen gelden.

Examentip:Brandbaar koudemiddel (klasse A3): uitsluitend vonkvrije elektrische componenten gebruiken en ventilatievoorschriften naleven.
Koudemiddelen & Oliën

R717 (Ammoniak / NH₃)

Natuurlijk koudemiddel met uitmuntend thermodynamisch rendement.

Ammoniak heeft een ODP van 0 en een GWP van 0. Het is echter giftig en licht ontvlambaar (veiligheidsklasse B2L). Het tast koper en koperlegeringen chemisch aan, waardoor uitsluitend stalen leidingen gebruikt mogen worden.

Examentip:Ammoniak mag NOOIT gebruikt worden in combinatie met koperen leidingen of appendages.
Koudemiddelen & Oliën

R744 (Kooldioxide / CO₂)

Natuurlijk koudemiddel met zeer lage milieu-impact (GWP = 1).

Kooldioxide is onbrandbaar en niet giftig (veiligheidsklasse A1, ODP = 0, GWP = 1). Het werkt bij zeer hoge werkdrukken (tot > 120 bar) en heeft een laag kritisch punt (31,1 °C), waardoor het vaak 'transkritisch' functioneert.

Examentip:Bij CO₂-installaties zijn speciale dikwandige leidingen en hogedrukappendages vereist.
Metingen & Procedures

Retourcilinder (Recuperatiefles)

Speciale cilinder voor het opvangen en transporteren van afgezogen afvalkoudemiddel.

Gekeurde drukcilinder uitgerust met twee afsluiters (één voor de gasfase en één met een stijgbuis voor de vloeistoffase).

Examentip:Mag maximaal tot 80% van het volume gevuld worden met vloeibaar koudemiddel om voldoende uitzettingsruimte te behouden bij temperatuurstijging.
Metingen & Diagnose

Rustdruk (Statische Druk / Stilstanddruk)

De druk in een stilstaande koelinstallatie wanneer alle componenten dezelfde omgevingstemperatuur hebben aangenomen.

Bij langdurige stilstand zijn de lage- en hogedrukzijde met elkaar in evenwicht (drukvereffening). De afgelezen rustdruk komt exact overeen met de verzadigde dampspanning van het koudemiddel bij de heersende omgevingstemperatuur (mits er vloeibaar koudemiddel aanwezig is).

Examentip:Rustdrukmeting is dé snelste methode om te controleren of het juiste koudemiddel in de installatie zit en of er nog voldoende vulling aanwezig is.
Thermodynamica & Cyclus

Sensibele Warmte (Voelbare Warmte)

Warmte-energie die bij toevoeging of onttrekking leidt tot een directe temperatuurverandering zonder faseovergang.

Sensibele warmte kun je direct meten met een thermometer. Voorbeelden in de koelcyclus zijn het opwarmen van vloeibaar koudemiddel (onderkoelingstraject) of het opwarmen van oververhit dampgas in de zuigleiding.

Q_sensibel = m × c × ΔT (waarin c de soortelijke warmtecapaciteit is)
Examentip:Het opwarmen van zuiggas van 0 °C naar 6 °C bij constante druk is 100% sensibele warmte (6 K oververhitting).
Componenten & Werking

Thermostatisch Expansieventiel (TEV / TXV)

Regelorgaan dat de vloeistoftoevoer naar de verdamper doseert op basis van oververhitting.

Het ventiel verlaagt de druk van condensor- naar verdamperdruk en regelt continu het debiet zodat de verdamper maximaal gevuld is met kokend koudemiddel, met behoud van een veilige ingestelde oververhitting aan de uitgang.

Examentip:Bij verdampers met een grote interne drukval (of verdeelkop) is een TEV met EXTERNE drukegalisatie verplicht.
Milieu & Wetgeving

Ton CO₂-equivalent

De maatstaf voor de milieu-impact van een gefluoreerd broeikasgas.

Het ton CO₂-equivalent geeft de hoeveelheid broeikasgassen weer uitgedrukt in het equivalente effect van tonnen kooldioxide. Dit getal bepaalt wettelijk hoe vaak een installatie op lekkage moet worden gecontroleerd.

Ton CO₂-eq = (kg koudemiddel / 1000) × GWP
Examentip:Grenzen lekcontrole: 5 tot 50 ton (jaarlijks), 50 tot 500 ton (halfjaarlijks), > 500 ton (driemaandelijks). Met vast lekdetectiesysteem wordt de periode verdubbeld.
Thermodynamica & Cyclus

Transkritische Koelkringloop (R744 / CO₂)

Een koel- of warmtepompcyclus waarbij de warmteafgifte plaatsvindt boven de kritische druk en temperatuur van het koudemiddel.

Bij koudemiddel R744 (koolstofdioxide) ligt het kritisch punt uitzonderlijk laag (31,1 °C bij 73,8 bar). Bij warme buitentemperaturen kan het gas niet condenseren naar vloeistof. In plaats van een condensor gebruikt men een gaskoeler, waarin het dichte superkritische gas isobar afkoelt zonder vloeistoffaseovergang.

Kritisch punt R744: T_krit = 31,1 °C, P_krit = 73,8 bar. Werkdrukken tot 130 bar.
Examentip:In een transkritische cyclus is er geen condensatiedruk of onderkoeling; men spreekt van gaskoeleruitgangstemperatuur en hogedrukoptimalisatie voor maximaal COP.
Milieu & Wetgeving

Vacumeren & Diepvacuüm Norm

Het verwijderen van niet-condenseerbare gassen (lucht) en vocht uit het koelcircuit met een tweetraps vacuümpomp.

Door de druk in het circuit te verlagen tot onder de kookdruk van water bij kamertemperatuur (ca. 23 mbar bij 20 °C), verdampt het aanwezige vloeibare vocht en wordt het als waterdamp weggezogen. De officiële vaknorm vereist een diepvacuüm van minimaal 270 Pa (2,7 mbar / 2000 micron) met een geslaagde stijgtest (staantest).

Wettelijke vacumeergrens: P_vacuüm ≤ 270 Pa (2,7 mbar)
Examentip:Als de druk na het uitschakelen van de pomp snel stijgt naar atmosferische druk is er een LEK. Als de druk stijgt en stabiliseert rond 20-30 mbar zit er nog VOCHT in het circuit.
Metingen & Procedures

Vacuümzuigen (Evacuatie)

Het verwijderen van lucht, niet-condenseerbare gassen en vocht met een vacuümpomp.

Door de druk in het koelcircuit extreem te verlagen (onder de dampspanning van water, < 270 Pa / 2 mbar), verdampt (kookt) achtergebleven vloeibaar vocht bij kamertemperatuur en wordt het door de vacuümpomp afgezogen.

Examentip:Vocht in combinatie met synthetische olie (POE) vormt zuren (hydrolyse), wat leidt tot isolatiedoorbraak en een motor burn-out. Daarom is grondig vacuümtrekken verplicht.
Componenten & Werking

Veiligheidsklep (Overdrukbeveiliging)

Veiligheidsinrichting die automatisch opent bij het overschrijden van de maximale werkdruk (PS).

Voorkomt het scheuren of ontploffen van drukvaten (zoals vloeistofvaten of condensors). Zodra de druk daalt tot onder de insteldruk, sluit de klep weer automatisch.

Examentip:Afblaasleidingen van veiligheidskleppen moeten zonder afsluiters rechtstreeks naar een veilige buitenruimte worden geleid (EN 378).
Componenten & Werking

Vloeistofslag (Liquid Slugging)

Het binnendringen van vloeibaar koudemiddel of vloeibare olie in de compressiecilinder.

Omdat vloeistoffen niet samendrukbaar (incompressibel) zijn, leidt vloeistof in de compressor tot extreme mechanische krachten. Dit resulteert vrijwel onmiddellijk in gebroken klepplaten, kromme drijfstangen of een gebroken krukas.

Examentip:Voldoende oververhitting aan het einde van de verdamper (minstens 4 tot 8 K) en een vloeistofafscheider (accumulator) in de zuigleiding zijn de belangrijkste beveiligingen tegen vloeistofslag.